De SilverFit 3D maakt gebruik van een camera om bewegingen van cliënten te herkennen en te vertalen naar interactieve oefeningen. Hierdoor kunnen cliënten oefenen zonder sensoren op het lichaam te dragen. De beweging zelf vormt de bediening van het spel: wanneer een cliënt bijvoorbeeld een arm beweegt, opstaat of het lichaam verplaatst, reageert de oefening hier direct op.
Maar wat ziet de camera precies? Wordt een cliënt tijdens het oefenen gefilmd en welke informatie wordt bewaard? In dit artikel leggen we uit hoe de camera van de SilverFit 3D werkt, hoe bewegingsregistratie wordt toegepast binnen de oefeningen en hoe wordt omgegaan met cliëntgegevens en privacy.
De technologie achter de bewegingsregistratie
De SilverFit 3D is ontwikkeld om therapeutisch relevante bewegingen op een laagdrempelige manier te kunnen oefenen. In plaats van sensoren die aan het lichaam moeten worden bevestigd, gebruikt het systeem een 3D-camera. Deze registreert bewegingen van onder andere de armen, benen, romp en het hoofd.
De werking is te vergelijken met een interactieve spiegel. De camera neemt de beweging van de cliënt waar en het systeem vertaalt deze direct naar een actie op het scherm. Daardoor ziet de cliënt tijdens het oefenen meteen wat een beweging binnen het spel teweegbrengt.
Voor veel oefeningen gebruikt de SilverFit 3D hiervoor een dieptebeeld op basis van infraroodlicht. De camera zendt infraroodlicht uit, dat wordt weerkaatst door personen en objecten in de ruimte. Op basis daarvan kan worden bepaald waar iemand zich bevindt en hoe diegene beweegt. Het dieptebeeld geeft daarbij geen gedetailleerd beeld waarop een cliënt persoonlijk herkenbaar is.
De software maakt onder andere gebruik van herkenningspunten, zoals de positie van het hoofd ten opzichte van de schouders. Daarmee kan een mensfiguur en de beweging daarvan worden gevolgd. Het spel kan vervolgens direct op die beweging reageren.
Voor bepaalde oefeningen worden ook detectiemethoden gebruikt die werken met het normale kleurenbeeld van de camera. Deze techniek kan bijvoorbeeld minder gevoelig zijn voor verstoring door infraroodlicht, zoals fel zonlicht, en in sommige situaties beter onderscheid maken tussen een persoon en een hulpmiddel zoals een rolstoel. Ook deze methode kent omgevingsfactoren die de detectie kunnen beïnvloeden, zoals licht, contrast en kleuren. Daarom wordt per oefening bepaald welke detectiemethode, of welke combinatie van methoden, het beste aansluit op de beweging en de praktijksituatie.
Van beweging naar interactieve oefening
De camera is geen doel op zich. De technologie wordt ingezet om therapeutisch relevante bewegingen te vertalen naar oefeningen in spelvorm.
Bij de ontwikkeling van een oefening wordt daarom eerst gekeken naar de klinische relevantie van een beweging. Vervolgens wordt bepaald hoe deze beweging betrouwbaar kan worden herkend en op een intuïtieve manier kan worden gekoppeld aan een actie binnen het spel. Nieuwe concepten en visualisaties worden tijdens testsessies in aanwezigheid van therapeuten beoordeeld en op basis van observaties en feedback verder ontwikkeld.
Voorafgaand aan een oefening kan de therapeut deze afstemmen op de mogelijkheden en doelen van de cliënt. Zo kan bijvoorbeeld de gewenste bewegingsuitslag worden ingesteld of een cognitieve taak worden toegevoegd. Tijdens het oefenen ontvangt de cliënt direct feedback. Wanneer de gewenste beweging wordt uitgevoerd, kan dit bijvoorbeeld punten opleveren. Ook kan zichtbaar worden gemaakt wanneer de bewegingsuitslag nog niet voldoende is.
Een voorbeeld is de sit-to-standoefening met Bingo. Hierbij wordt het opstaan uit een stoel gecombineerd met een spel. Afhankelijk van de mogelijkheden van de cliënt kan worden gekozen voor verschillende niveaus, van een voorwaartse beweging vanuit zit tot volledig opstaan. Tijdens de oefening registreert de camera of de gevraagde beweging wordt uitgevoerd. De cliënt ziet de eigen beweging direct terug doordat een avatar op het scherm meebeweegt.
Op deze manier kunnen ook cliënten voor wie een volledige beweging nog niet haalbaar is, oefenen op een passend niveau. De camera kan daarnaast voor bepaalde oefeningen worden ingezet bij cliënten die vanuit een bed of behandelbank oefenen, bijvoorbeeld tijdens vroege mobilisatie na een operatie of tijdens een IC-opname.
Camera-input is niet hetzelfde als een video-opname
Het gebruik van een camera kan de indruk wekken dat een cliënt tijdens iedere oefening wordt gefilmd en dat deze beelden worden bewaard. Dat is niet hoe de SilverFit 3D standaard werkt.
Tijdens een oefening verwerkt het systeem camera-input om bewegingen te herkennen en het spel aan te sturen. Deze input wordt tijdens de oefening gebruikt, maar wordt niet standaard als video-opname opgeslagen. Na afloop is deze camera-input daarom niet als video terug te halen.
Bij veel oefeningen kan een behandelaar er wel bewust voor kiezen om een video-opname te maken. Hiervoor wordt het normale camerabeeld gebruikt. Tijdens het oefenen is duidelijk zichtbaar dat de opnamefunctie actief is.
Na de oefening kan de behandelaar de opname samen met de cliënt bekijken om de uitvoering van een beweging te evalueren. Vervolgens kan de video worden opgeslagen of verwijderd. Opslaan is alleen mogelijk wanneer een cliëntprofiel is geselecteerd.
Een opgeslagen opname kan later bijvoorbeeld naast een nieuwe opname worden afgespeeld. Hierdoor kan de beweging aan het begin van een behandeltraject worden vergeleken met een later moment. Voor zowel cliënt als behandelaar kan zo zichtbaar worden welke ontwikkeling heeft plaatsgevonden.
Oefenresultaten en cliëntgegevens
Naast de bewegingsregistratie kan de SilverFit 3D resultaten van oefeningen vastleggen. Na afloop krijgt de cliënt een scorescherm te zien met het behaalde aantal punten en, afhankelijk van de oefening, aanvullende resultaten. Dit kunnen bijvoorbeeld uitkomsten zijn van cognitieve uitdagingen die de therapeut aan de oefening heeft toegevoegd.
Wanneer een cliëntprofiel is geselecteerd, worden deze scores en resultaten opgeslagen op de SilverFit 3D. Hierdoor kan de behandelaar de ontwikkeling over meerdere oefenmomenten volgen.
Daarbij wordt ook rekening gehouden met wijzigingen in de instellingen. Een gelijkblijvende score hoeft bijvoorbeeld niet te betekenen dat er geen vooruitgang is wanneer de moeilijkheidsgraad van de oefening tussentijds is verhoogd. Door deze informatie samen te bekijken, kan de behandelaar de resultaten in de juiste context plaatsen en met de cliënt bespreken.
Het gebruik van een cliëntprofiel is niet noodzakelijk om met de SilverFit 3D te oefenen. Een behandelaar kan oefeningen ook vanaf het algemene beginscherm starten. Resultaten van deze oefeningen worden niet als individuele cliëntresultaten opgeslagen en kunnen later dus niet in een cliëntprofiel worden teruggevonden.

Bescherming van cliëntgegevens en privacy
Wanneer technologie binnen de zorg wordt gebruikt, is zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens belangrijk. Bij de SilverFit 3D blijft de zorgorganisatie verantwoordelijk voor de verwerking van persoonsgegevens volgens de AVG. Het systeem ondersteunt de zorgorganisatie hierbij met ingebouwde beveiligingsmaatregelen.
Toegang tot cliëntgegevens is beperkt tot bevoegde gebruikers. Een behandelaar logt met een wachtwoord in op de SilverFit 3D en selecteert vervolgens het betreffende cliëntprofiel. Binnen dit profiel kunnen onder andere uitgevoerde oefeningen, scores, resultaten en eventuele opgeslagen video-opnames worden bekeken.
De database waarin cliëntgegevens worden opgeslagen is beveiligd en versleuteld. Ook voor het bekijken en exporteren van cliëntgegevens is toegang tot het betreffende cliëntprofiel nodig.
Bij het gebruik van de opnamefunctie is bovendien een extra beveiligingsstap ingebouwd. Zodra de oefening is afgerond, wordt de gemaakte video automatisch geopend. De behandelaar kan de opname dan direct samen met de cliënt bekijken en bewust kiezen om deze op te slaan of te verwijderen. Zo wordt voorkomen dat een video ongemerkt bij het cliëntprofiel wordt opgeslagen.
SilverFit houdt daarnaast beveiligingsrisico’s in de software actief in de gaten en neemt beveiligingsverbeteringen mee in updates van het systeem.
Gebruiksgegevens voor verbetering van de SilverFit 3D
Naast cliëntgegevens registreert de SilverFit 3D ook gegevens over het gebruik van het systeem. Deze gebruiksgegevens zijn niet gekoppeld aan patiëntgegevens.
Wanneer de SilverFit 3D met internet verbonden is, kunnen deze gegevens met SilverFit worden gedeeld. Hiermee kan onder meer worden gecontroleerd of het systeem goed functioneert en kan inzicht worden verkregen in hoe de SilverFit 3D in de praktijk wordt gebruikt, bijvoorbeeld welke oefeningen en instellingen veel worden ingezet.
Deze informatie helpt bij de verdere ontwikkeling van het systeem en van nieuwe therapeutisch relevante oefeningen en spelvormen. Het automatisch delen van gebruiksgegevens kan worden uitgeschakeld. Wanneer het systeem niet met internet verbonden is, worden de gebruiksgegevens lokaal op de computer bewaard.
Wat betekent de technologie voor cliënt en behandelaar?
De SilverFit 3D richt zich onder andere op bewegingen van de grove motoriek die belangrijk zijn voor mobiliteit, balans en functionele ADL-activiteiten. Met behulp van de bewegingscamera kunnen deze bewegingen in verschillende interactieve oefeningen worden verwerkt.
De behandelaar kan het niveau van de oefeningen afstemmen op de mogelijkheden van de cliënt. Daarbij kan de aandacht tijdens het oefenen verschuiven van alleen de beweging naar het spel en het behalen van een doel. Verschillende bewegingen en spelvormen zorgen voor afwisseling binnen het oefenen.
Onderzoek naar exergaming laat zien dat spelelementen kunnen bijdragen aan het plezier tijdens het oefenen. In onderzoek waarbij onder andere een balansspel van SilverFit werd gebruikt, bleef het plezier tijdens het oefenen beter behouden dan bij traditionele oefeningen (Van der Kooij et al., 2019).
Daarnaast laat onderzoek naar exergaming bij ouderen positieve effecten zien op onder andere cognitieve functies, balans en mobiliteit (Htut et al., 2018; Skjæret et al., 2016; Chen et al., 2021; Zhu et al., 2023). Binnen de SilverFit 3D kunnen fysieke bewegingen worden gecombineerd met cognitieve uitdagingen. Zo kunnen cliënten bijvoorbeeld oefenen met dubbeltaken, waarbij zij tijdens het bewegen tegelijkertijd een cognitieve opdracht uitvoeren.
Een praktisch voordeel van de bewegingscamera is dat de cliënt geen sensoren op het lichaam hoeft te dragen. Dit maakt het oefenen laagdrempelig: er hoeven geen sensoren te worden aangebracht of afgesteld voordat een oefening kan beginnen. Daardoor kan de cliënt direct starten met oefenen. Ook kunnen oefeningen worden uitgevoerd in situaties die aansluiten bij de dagelijkse praktijk, bijvoorbeeld met een looprek of open rollator.
Voor de behandelaar biedt de combinatie van bewegingsregistratie, instelbare oefeningen, opgeslagen resultaten en optionele video-opnames verschillende mogelijkheden om het oefenen te begeleiden en de ontwikkeling van een cliënt inzichtelijk te maken.
De camera ondersteunt de oefening
Een veelvoorkomend misverstand is dat de camera van de SilverFit 3D continu video-opnames van cliënten maakt. De camera wordt echter gebruikt om bewegingen te herkennen wanneer dit voor een oefening nodig is. Deze camera-input wordt tijdens het oefenen verwerkt om het spel aan te sturen en wordt niet standaard als video opgeslagen.
Alleen wanneer een behandelaar bewust de opnamefunctie activeert, wordt daadwerkelijk een video gemaakt. Dit is tijdens de oefening zichtbaar op het scherm en de behandelaar kan na afloop bepalen of de opname wordt opgeslagen of verwijderd.
De camera vormt daarmee de technische verbinding tussen de beweging van de cliënt en de interactieve oefening. Zonder sensoren op het lichaam kan een cliënt bewegen, direct feedback ontvangen en oefenen op een niveau dat aansluit bij de eigen mogelijkheden. Zo ondersteunt de technologie de therapeutische toepassing, terwijl de behandeling en de doelen van de cliënt centraal blijven staan.



